Web329 juli 2026

Tien Europese banken zetten eigen blockchain live: RL1 start in Luxemburg

ABN AMRO, DZ BANK, DekaBank, LBBW, Natixis en vijf anderen hebben RL1 gelanceerd, een private blockchain die volledig in handen is van Europese banken zelf. De eerste echte test volgt dit najaar met een KfW-obligatie van 100 miljoen euro.

Artikelafbeelding voor: Tien Europese banken zetten eigen blockchain live: RL1 start in Luxemburg

Wat RL1 precies is

Sinds 28 juli 2026 is RL1 officieel in de lucht: een private, permissioned blockchain die volledig eigendom is van Europese banken. Het netwerk draait onder een Luxemburgse Europese Coöperatieve Vennootschap, een rechtsvorm die bewust is gekozen omdat geen enkele deelnemer daarin de baas kan spelen. Anders dan bij een publieke keten kan niet iedereen zomaar meedoen: wie een node wil draaien of een transactie wil afwikkelen, moet eerst worden toegelaten.

Dat klinkt weinig spannend, en dat is precies de bedoeling. Banken die obligaties, fondsen en onderpand op een blockchain willen zetten, moeten aan hun toezichthouder kunnen uitleggen wie er meekijkt, wie aansprakelijk is en waar de data staat. Een netwerk dat door de banken zelf wordt bestuurd en in de EU is gevestigd, beantwoordt die vragen een stuk makkelijker dan een keten waar iedereen anoniem op kan meedraaien.

Wie er aan tafel zit

Tien instellingen zijn oprichtend lid: ABN AMRO, Cecabank, Chartered Investment, Crédit Mutuel Alliance Fédérale, DekaBank, DZ BANK, LBBW, Natixis CIB, SC Ventures en Seturion. NatWest heeft aangekondigd zich binnenkort aan te sluiten. Elk van de tien oprichters heeft evenveel stemrecht: de grootste balans levert geen extra invloed op.

Het bestuur is opgeknipt in drie lagen — een algemene vergadering, een raad van toezicht en een operationeel bestuur. De dagelijkse leiding ligt bij Henning Vollbehr, voorheen directeur van SWIAT. Dat is geen toeval: SWIAT levert de software en treedt op als technisch operator, maar het netwerk zelf is eigendom van RL1. Die scheiding tussen eigenaar en leverancier is precies het model waar toezichthouders zich prettig bij voelen.

Waarom banken een eigen netwerk willen

De afgelopen jaren experimenteerden Europese banken vooral op publieke ketens of op de infrastructuur van één leverancier. Beide routes hebben een probleem. Op een publieke keten hebben banken geen grip op wie er nog meer transacties uitvoert en tegen welke kosten. Bij één leverancier ontstaat afhankelijkheid: als die partij van koers verandert of wordt overgenomen, ligt de hele afwikkeling stil.

RL1 probeert die twee valkuilen te omzeilen door het eigendom bij een brede groep banken te leggen en de techniek in te kopen. De use cases die het netwerk noemt zijn breed: getokeniseerde obligaties, fondsen, real-world assets, onderpand, repo, securities lending, digitaal geld en stablecoins, met afwikkeling in commercieel bankgeld of centralebankgeld. Dat is in feite de hele institutionele kapitaalmarkt, alleen dan op een gedeeld grootboek.

De eerste echte test: een KfW-obligatie van 100 miljoen euro

Het productienetwerk van SWIAT draaide voor de overdracht al drie jaar en verwerkte meer dan vijftig transacties met een gezamenlijke waarde van ruim 700 miljoen euro. Dat is bescheiden op de schaal van de Europese obligatiemarkt, maar het bewijst wel dat het geen laboratoriumopstelling is.

De echte proef komt dit najaar. De Duitse ontwikkelingsbank KfW verhuist een digitale obligatie van 100 miljoen euro van Cashlink op Polygon naar SWIAT op RL1. Een bestaand effect van de ene keten naar de andere overzetten is technisch én juridisch lastiger dan een nieuwe uitgifte: houders, rechten en registratie moeten meeverhuizen zonder dat er ook maar één seconde onduidelijkheid ontstaat over wie eigenaar is. Lukt dat, dan heeft RL1 meteen een referentie die andere uitgevende instellingen over de streep kan trekken.

Hoe de ECB hierin past

RL1 staat niet los van wat de Europese Centrale Bank aan het bouwen is. In het derde kwartaal van 2026 gaat Pontes van start, het ECB-spoor dat afwikkeling in centralebankgeld mogelijk maakt voor transacties die op een DLT-netwerk plaatsvinden. Voor RL1 is dat de ontbrekende schakel: zonder centralebankgeld blijft de geldkant van elke transactie een omweg via het traditionele betalingsverkeer.

Daarnaast werkt de ECB aan Appia, een blauwdruk voor een langetermijnoplossing die tegen 2028 wordt verwacht. Wie de tijdlijnen naast elkaar legt ziet een patroon: de infrastructuur van de banken en die van de centrale bank groeien in hetzelfde tempo naar elkaar toe. Dat is bepaald geen toeval en verklaart waarom de lancering juist nu komt.

Wat het voor jou betekent

Als particuliere belegger kun je op RL1 niets kopen en er ook geen wallet voor openen — het is een gesloten netwerk voor instellingen. Toch is de lancering relevant. Elke euro aan obligaties en fondsen die naar een DLT-netwerk verhuist, maakt het argument sterker dat blockchaintechnologie meer is dan een speeltje voor speculanten, en dat helpt de hele sector aan geloofwaardigheid bij Europese toezichthouders.

Praktischer: naarmate banken hun afwikkeling naar dit soort netwerken verplaatsen, wordt de brug tussen traditionele beleggingen en crypto korter. Bewaardiensten, getokeniseerde geldmarktfondsen als onderpand en euro-stablecoins voor de geldkant komen dan alle drie binnen bereik van producten die je uiteindelijk wél bij je eigen bank of broker terugziet. Houd vooral het najaar in de gaten: slaagt de KfW-migratie, dan volgt de rest van de markt vrijwel zeker.

Bronnen: RL1, SWIAT, KfW, ABN AMRO, Europese Centrale Bank, crypto.news. Laatst gecontroleerd: 29 juli 2026.

#RL1#tokenisatie#banken#DLT#Europa